Spiders Snoek op spider  David Westwood

 

Spiders

 

Spiders zijn de meest onooglijke vliegen die je maar kan bedenken. Het lijken heel eenvoudig te binden vliegen, maar doordat er maar zo weinig op zit moet dat ook wel

goed zijn.

Spiders zijn ontstaan in Engeland in Yorkshire. Ze hebben daar door regen gevoede rivieren en geen kalkrivieren zoals in zuid Engeland. De forellen zijn in die door regen gevoede rivieren niet zo groot en moeten bovendien alles grijpen wat er langs komt aan natuurlijk voedsel, want het is geen tafeltje dekje zoals in de kalkrivieren.

De naam spider (spin) doet vermoeden dat deze patronen een weliswaar slechte imitatie van een spin zouden zijn. Dat is nooit de bedoeling geweest. Waarschijnlijk is de naam afkomstig van een spinachtige bindwijze, zoals de palmer een rupsachtige bindwijze is. Spiders imiteren haftachtige nimfen in allerlei stadia en ook wel het verdronken volwassen insect.

Op de rivieren in België heb ik nooit veel succes met één of twee spiders gehad. In ons “polderwater” echter wel. Afhankelijk van de diepte van het water bind ik één of twee spiders aan mijn leader. Vaak bind ik de spider op het zijlijntje en op de punt zet ik dan een nimfje met een goud- of zilverkopje van 2 of 3 mm. Dat kan ook wel een spidergebonden goudkopje zijn maar echt nodig is dat niet, vaak wissel ik dat af. Soms gebruik ik voor de punt een vlokreeftje. Een enkele keer wissel ik ze ook wel om, maar dan gooi je de boel wat sneller in de war, doordat het lichtste nimfje vooraan gaat.

Voor spiders neem ik een haak met een recht oog en de beste haken die ik daar voor kan vinden zijn de Super Specialist haken van Drennan in de maten acht tot en met 16. Ik wil graag haken met een recht oog, doordat de vliegen dan veel meer lijken op de vliegen zoals ze ook  in ongeveer 1880 werden gebonden. Toen bestonden er geen haken met een oog en bonden de vliegenbinders eerst een stuk gut aan de vlieg, zodat de vlieg recht achter de draad aanging. Ook vind ik het kopje zo mooier.

Je vist de vlieg langzaam terug met achtjes die je af en toe ook enigszins mag laten schokken en trillen, een tikje met de hengeltop mag af en toe niet ontbreken. Soms zijn er dagen dat rustig af laten zinken het meeste effect heeft: uiteindelijk bepaalt de visser of hij vangt en hoeveel dat er zijn.

De laatste regiodag in Wilnis viste ik op een stukje water waar het maar net 20 cm diep was. Er zaten iets grotere ruisvoorns. Ik heb één spider aangebonden en die heel langzaam laten zinken. Meestal werd hij gepakt bij de eerste beweging en soms al bij het afzinken. De moeilijkheid was niet zozeer het vangen van een ruisvoorns alswel het niet al te erg verschrikken van de vis, zodat je meerdere ruisvoorns uit het schooltje kon vangen. Er stonden ook nogal wat waterlelies. Je moest echt een beetje lang stuk zoeken, dat aan je eigen kant ook nog zonder lelies was, zodat je wat verder van de vis kon blijven en toch de vis door het water naar je toe kon halen. Ze pakten een Partridge and PT.

Spiders binden heeft ook nogal wat te maken met het verzamelen van materialen. De binddraad is in sommige patronen nogal belangrijk, want soms bestaat het lijf uit niet meer dan alleen binddraad. Het dubben bestaat vaak uit wat ik de debmethode noem: je smeert spaarzaam wat kleverige dubbingwas op de draad en dan deb je met een plukje mollendubbing de draad, zodat er alleen een waas blijft hangen. De hackle bestaat vaak uit een veertje van de bovenkant van een vleugel van een snip een waterhoen of een grouse (korhoen?). In veel patronen heb je een patrijzen veertje nodig en dan is het handig om een patrijzenhuid te hebben, zodat je een veertje van de goede grootte uit kan zoeken.

 

 

 

Partridge and PT

 

 

Draad:   lichtgeel

Lijf:        fazantenstaartfiber

Hackle: bruine patrijs

Rib:       koperdraad

 

 

 

 

Iron Blue

 

Draad:    donkerrood (Claret)

Lijf:         achter binddraad, voor moldubbing, spaarzaam debben

Hackle:   klein veertje van de bovenkant van een               waterhoen vleugel

 

 

 

Partridge and orange

Draad:   licht oranje (als het nat is wordt het een        kastanjeachtige kleur)

Lijf:        binddraad

Thorax: hazendubbing

Hackle:   bruine patrijs

Je kan voor deze vlieg ook fluorescerend oranje binddraad gebruiken, soms hebben blankvoorns hier een voorkeur voor

 

.

Black Spider

Draad:    donker bruin

Lijf:         binddraad

Hackle:   spreeuw: halfpalmer

Door Stewart werd het hackletje om de binddraad gewonden en dan om de haaksteel, handiger is het om de hackle van voor naar achter te winden tot halverwege de haaksteel en dan de binddraad door de hackle heen naar voren, om de hacklestam beter vast te zetten.

 

 

Waterhen Bloa

Draad:    primrose yellow silk

Lijf:         binddraad licht gedubd met grijze mol en een tagje van binddraad.

Hackle:   van de vleugel van een waterhoentje: “the darker    marginal covert feathers (Fogg)”

 

Red Tag

Draad:    Claret

Staartje:  rood fluor floss

Lijf:         pauwenfiber

Hackle:   Hen: saddle ginger brown of bruine patrijs

(Dit is eigenlijk geen spider, zonder staartje zou het een spider zijn.)

 

Golden Plover and Red

Haak:      Drennan super specialist #12

Draad:    Olive

Lijfje:       Rood koperdraad

Rib:         Rood koperdraad

Thorax:    hares ear dubbing

Hackle:    Golden Plover

 

 

 

 

Golden Plover and Yellow

Haak:      Daiichi 1640 #12

Draad:    Gele zijde Pearsall

Lijfje:       Gele zijde Pearsall

Rib:         Zwarte draad uit een sinaasappelzak: AH Max Havelaar, ingebonden als lus, daarin de dubbing en dan gedraaid.

Thorax:    Grijs blauwe konijnen dubbing

Hackle:    Golden Plover

 

 

 

Holospider

Haak:      Drennan super specialist #12

Draad:     UTC rusty brown #70

Lijfje:       Holografic tinsel

Hackle:    Golden Plover

 

 

 

 

 

Pinky Devil

Haak:      Kamasan B100 #12

Draad:    Olive 8/0

Lijfje:       Spectra dubbing Pink

Kraal:      Zilver 2.8 mm

Hackle:    Hen: Metz Saddle ginger Brown

 

Vooral goed voor de wintervoorn in havens en grachten.

 

 

Fosfo and Ginger

Haak:      Sprite Perfect International #12

Draad:     Geel Uni 0/8

Kop:        Goudkopje van 2 mm

Lijfje:       Dubbing (50% possum 50% Olive Hare's ear.)

Rib:         Fosforescerend Crystal Flashabou

Hackle:    Hen: Metz Saddle Ginger Brown

 

Goed voor de voorn in Nederland.

 

Ga naar de bindhandleiding.

 

 

 

Het lijf van een spider begint traditioneel boven de weerhaak, maar er zijn ook binders die een veel korter lijf prefereren, een halve haaksteel, tot vrijwel geen lijf 1mm of zoiets. Dan heb je een vlieg met bijna alleen een hackle.

 

Wie meer over spiders wil lezen kan proberen het boek van Roger Fogg “A Handbook of North Country Trout Flies” te bemachtigen. Ik heb het gekocht bij Coch-Y-Bonddu books.